Deprecated: Methods with the same name as their class will not be constructors in a future version of PHP; Wire has a deprecated constructor in /customers/2/e/f/dietistehannevannuffel.be/httpd.www/wire/core/Wire.php on line 42 Hanne Van Nuffel - Gezonde vleesvervangers: waar moet je op letten?

Gezonde vleesvervangers: waar moet je op letten?

Vegetarisch is niet automatisch gezond. Vleesvervangers bevatten soms veel zout en vet, en weinig eiwit.
Dit zijn alvast een aantal zaken waar je bij je aankoop op kunt letten:

 
1. Eiwitten: 10 gram per 100 gram is een goede streefwaarde
Vlees bevat doorgaans 20 tot 30 procent eiwit. Hoeveel eiwit moet een goede vleesvervanger bevatten? Dat zal sterk van je persoonlijke situatie afhangen. Laat je slechts af en toe vlees links liggen, dan is het eiwitgehalte minder belangrijk, zeker niet als je daarnaast nog zuivel gebruikt. Fulltime vegetariërs en veganisten besteden hier beter wat meer aandacht aan. Volgens voedingsexperts Patrick Mullie (VUB) en Loes Neven (Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie en Ziektepreventie (VIGEZ), dat de voedingsdriehoek opstelt) is 10 gram eiwit per 100 gram een goede streefwaarde. 


  2. Vetten: niet meer dan 10 gram per 100 gram
Ook al zijn onverzadigde vetten gezond, ze maken vleesvervangers wel erg calorierijk (één gram vet bevat 9 kcal). Volgens het VIGEZ bevat een vleesvervanger bij voorkeur niet meer dan 10 gram vet per 100 gram.
Belangrijker is het gehalte verzadigd vet. Volgens de voedingsdeskundigen van het Nederlandse keurmerk ‘Ik kies bewust’, dat gezondere producten van een logo voorziet, bevatten vleesvervangers beter niet meer dan 5 gram verzadigd vet per 100 gram.
Ook hier telt je persoonlijke situatie: ben je fysiek actief en eet je voor de rest vetarm, dan hoef je je minder om het vetgehalte te bekommeren. 

 

3. Zout: <650 milligram natrium per 100 gram 
Volgens VIGEZ bevat een goede vleesvervanger idealiter geen toegevoegd zout. Dat is vrijwel nooit het geval. De voedings­experten van het Nederlandse keurmerk ‘Ik kies bewust’, hanteren voor vleesvervangers dezelfde norm als voor bewerkt vlees: ze bevatten bij voorkeur maximaal 820 milligram natrium per honderd gram. Natrium is een bestanddeel van zout (natriumchloride) en verantwoordelijk voor de nadelige effecten van een te hoge consumptie. Een dagelijkse dosis van vijf gram zout komt overeen met 2.000 milligram natrium.

Bij die 820 milligram hoort een kanttekening. Vleesvervangers zijn voor vegetariërs vaak dagelijkse kost, terwijl wordt aangeraden om weinig bewerkt vlees te eten. De norm voor vers vlees – maximaal 100 milligram natrium per 100 gram – wordt echter maar door 4 producten gehaald. Uit onderzoek van Swaegers blijkt dat wie vegetarisch en volgens de aanbevelingen van de voedingsdriehoek eet, zijn dagelijks toegestane hoeveelheid zout overschrijdt zodra een vleesvervanger meer dan 650 milligram natrium per 100 gram bevat, en dan is het zout dat u zelf tijdens het koken toevoegt nog buiten beschouwing gelaten. Lager mikken kan dus zeker geen kwaad.
 
4. IJzer: 0,7 milligram per 100 gram
Volgens het Nederlandse Voedingscentrum bevat een vleesvervanger het best 0,7 milligram ijzer per 100 gram. Bij de meeste producten is niet duidelijk hoeveel ijzer ze precies bevatten. Een kleine 40 procent vermeldt ijzer in de ingrediëntenlijst. Om ijzer ook in de voedingswaardetabel te mogen vermelden, moet een product minimaal 2,1 milligram per 100 gram bevatten (dat is dan ook de vaakst vermelde hoeveelheid). 
 
5. Vitamine B12: 0,13 microgram per 100 gram
Volgens het Nederlandse Voedingscentrum bevat een vleesvervanger het best minstens 0,13 microgram B12 per 100 gram. Bij de meeste producten is echter niet duidelijk hoeveel B12 ze precies bevatten.   

 

Bron: EOS

 

Gezonde vleesvervangers: waar moet je op letten?